Donaujas

27-12-2018 11:45 - 't Vlees is zwak

Als jullie dit lezen ben ik weg. Varend over de Donau. Maar nu ben ik nog hier in Hamont. Eergister heb ik een Donaujas gekocht; dat is een jas die warm is en tot over de kuiten valt want daar is het vaak het koudst. Ik heb een rode jas gekocht, werkelijk knalrood en dat is omdat ze mij dan goed zien liggen als ik per ongeluk in de Donau mocht vallen. Ja, ik reken er niet op, maar stel dat ik van het dek afglibber wegens wankel op mijn benen staan of door een onverhoedse beweging van een medepassagier, dan ziet eenieder mij toch in m’n rode jas in het koude water spartelen. Daar ben ik heel gerust op. Inmiddels heb ik de laatste dagen een aversie tegen de reis opgebouwd. Eerst en vooral was dat door dat eerste stuk met de trein, dan het overstappen, vervolgens het geduw en gedrang op het vliegveld en dan de vliegreis zelf en ook de namen van alle mensen die meegaan op deze cruise hebben mij de stuipen op het lijf gejaagd. Hele enge namen. We hebben daar een lijst van gekregen. Ook adel zat er tussen. En allemaal komen ze uit het westen van Nederland, harde gee-mensen. Hoe moeten wij als twee kleine Brabantse zusjes ons daartussen staande houden? Uit deze constatering blijkt wel dat ik en veel Brabanders en Limburgers zich nog steeds inferieur voelen ten opzichte van de mensen boven de grote rivieren; dat is er op de een of andere manier vreselijk ingeslopen en zit er nog steeds, ook bij ons. Maar ik heb goede hoop dat de volgende generatie het eruit krijgt, of anders die daarna. Mijn zusje bezit veel gouden en diamanten sieraden, die gaat ze in de strijd gooien tegen de harde gee. Ik heb alleen kraaltjes en rommel, behalve één mooi sieraad van mijn overleden man. Het beste kunnen we gewoon onze dagdagelijkse scheten laten in dit gezelschap en dan argeloos om ons heen kijken. (Naar mensen met een zekere naam, zie hier beneden) Dat kunnen we wel. Ook moeten we ‘wel’ gekleed zijn tijdens het kerstdiner aan boord en ik heb niet eens een jurk. Wel een rok en een deftige blouse, daar moet het dan maar mee gebeuren. Wel hoop ik dat mijn jeukbultjes zich rustig houden tijdens het kerstdiner en de opera in Boedapest. Zo zit ik maar te tobben de laatste dagen. Ook tob ik over de papieren die ik mee moet nemen en of het koffer niet te zwaar wordt en ik wil twee live boeken meenemen Mijn honden zijn gelukkig goed verzorgd bij een trouwe vriendin. Als ik nou zou mogen kiezen zou ik niet meer gaan en fijn thuis blijven en hier kerstmis vieren. Maar je hebt niks te kiezen als je al overgeschreven hebt. Er staat gelukkig ook iemand op de passagierslijst met een heel leuke naam, eigenlijk een rare naam. Ik weet wel, je mag niet discrimineren op naam of kleur of zo, maar ik ben toch bang dat wanneer wij voorgesteld worden aan die mensen en ze zeggen hun naam, ik dan niet mijn lachen kan houden. Het is nu zaterdag voor kerstmis. Intussen ben ik met mijn vriend heel veel winkels afgegaan. Honderden mensen, duizenden auto’s, overal druk, iedereen moet spullen en eten. En ineens dacht ik: hee, ik hoef geen boodschappen te doen, ik hoef niks, ik loop hier vrij rond, morgen ga ik naar de Donau en maak me over niks druk. Ik snikte bijna van opluchting. Nu begrijp ik waarom mensen op vakantie gaan. Ze hoeven dan niks. Het dagelijkse leven, het dagelijkse systeem, valt in puin. Alles kaputt ja. Ach ja, sorry, had ik nu gezegd hoe die leuke mensen heetten? Nee, Maar een vrolijke naam, even goed. Ze heten Poepjes, ook goede morgen. We kunnen hun overal de schuld van geven. Fijne feestdagen en een mooi oudjaar, maar dan ben ik weer terug.